Belasting | januari 2016

Veranderingen Belastingplan 2016

Belasting |

Op 22 december j.l. heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel Belastingplan 2016 aangenomen. We informeren u graag welk veranderingen u te wachten staan.

Box 1 inkomstenbelasting: inkomen uit werk en woning
In box 1 zullen er een aantal maatregelen worden genomen. Zowel de tarieven als de lengte van de derde belastingschijf worden aangepast. Allereerst gaat het tarief in de eerste schijf vanaf 1 januari 2016 met 0,05%-punt omhoog ten opzichte van 2015: van 36,5% naar 36,55%.

Het tarief van de tweede en derde schijf zullen daarentegen juist naar beneden worden bijgesteld ten opzichte van 2015, van 42% naar 40,4% (voor AOW-gerechtigden 12,25%). In 2017 zal deze verlaging deels worden teruggedraaid. Het tarief in beide schijven zal vanaf dat moment weer verhoogd worden tot 40,7%.

Daarnaast zal de derde schijf worden verlengd worden van € 57.585 (2015) naar € 66.421 in 2016. Indien uw inkomen boven de € 57.585 ligt, bedraagt uw voordeel hierdoor 11,6% in 2016 (in 2017 11,3) over maximaal € 8.836.

Box 2 inkomstenbelasting: inkomen uit aanmerkelijk belang
Emigratie van een aanmerkelijkbelanghouder (AB-houder) wordt aangemerkt als een belastbaar feit. De AB-houder wordt geacht zijn aandelen op het moment voorafgaand aan de emigratie te hebben vervreemd. Hiervoor wordt een conserverende aanslag opgelegd, waarvoor uitstel van betaling wordt verleend.

Op het moment dat de AB-houder zijn aandelen werkelijk vervreemd of 90% of meer van de reserves in de vennootschap uitkeert, wordt het uitstel van betaling ingetrokken. Op dat moment zal er alsnog afgerekend moeten worden over de waardestijging van de aandelen of over de uitkering van het dividend.

Tot voorheen gold dat na tien jaar de conserverende aanslag op verzoek kwijtgescholden werd. Indien binnen deze periode van tien jaar een van bovengenoemde handelingen werd verricht, werd het uitstel voor dat deel ingetrokken. Vanaf 15 september 2015 geldt dat de conserverende aanslag na tien jaar niet langer kwijtgescholden wordt. De conserverende aanslag blijft in het vervolg staan.

Box 3 inkomstenbelasting: inkomen uit sparen en beleggen
De forfaitaire rendementsheffing zoals we deze al kennen blijft grotendeels gehandhaafd. Op dit moment wordt een vast forfaitair rendement van 4% over de belastbare grondslag in box 3 geheven. Vanaf 1 januari 2017 wordt de grondslag in drie schijven ondergebracht, ieder met een ander tarief:
€ 25.000 – € 100.000         2,9%
€ 100.000 – € 1.000.000   4,7%
> € 1.000.000                      5,5%

De vrijstelling in box 3 wordt verhoogd naar € 24.437 per belastingplichtige.

Doordat de verschillende schijven ieder een eigen rendementspercentage kennen, heeft dit mogelijk gevolgen voor de onderlinge verdeling van het vermogen tussen u en uw partner. Een optimale verdeling in de aangifte inkomstenbelasting wordt mede afhankelijk van het tariefverschil van de verschillende schijven in box 3.

Aanpassingen aan heffingskortingen
Vanaf 1 januari 2016 zullen verschillende heffingskortingen worden aangepast: de algemene heffingskorting, de arbeidskorting, de inkomensafhankelijke combinatiekorting en de ouderenkorting.

De algemene heffingskorting zal vanaf 1 januari 2016 sneller en steiler dan voorheen worden afgebouwd. Met name voor belastingplichtigen met een inkomen boven de € 40.000 heeft dit tot gevolgen dat de algemene heffingskorting een stuk lager zal zijn dan voorheen. Inkomens boven de € 70.000 hebben vanaf 1 januari 2016 helemaal geen recht meer op algemene heffingskorting.

Naast de algemene heffingskorting zal ook de arbeidskorting worden aangepast. Middeninkomens (met een inkomen tussen € 20.000 en € 50.000) profiteren van een verhoging van de arbeidskorting. Voor inkomens tussen € 50.000 en € 125.000 zal de arbeidskorting ook iets hoger zijn dan voorheen. De arbeidskorting wordt volledig afgebouwd voor inkomens boven € 125.000.

Voor mensen met kinderen jonger dan 12 jaar is er goed nieuws: de inkomensafhankelijke combinatiekorting wordt verhoogd tot maximaal € 2.769. Om in aanmerking te komen voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting dient uw inkomen minimaal € 4.881 te bedragen.

RDA en S&O-afdrachtsvermindering
De RDA en de S&O-afdrachtsvermindering worden met ingang van 2016 samengevoegd tot één regeling. De huidige S&O-afdrachtsvermindering zal worden voortgezet, de RDA komt te vervallen.

Naast een vermindering voor de loonkosten kunnen vanaf 1 januari 2016 ook overige S&O-kosten in aanmerking komen voor de S&O-afdrachtsvermindering.

Herintroductie verruimde vrijstelling schenkbelasting voor eigen woning
In 2014 hebben we al kennis kunnen maken met de destijds tijdelijk verruimde schenkvrijstelling voor de eigen woning. Deze regeling zal in 2017 opnieuw geïntroduceerd worden. Het verschil met 2014 is dat de regeling deze keer blijvend zal zijn.

Vanaf 2017 kunt u weer gebruik maken van de verhoogde schenkvrijstelling van € 100.000. Het bedrag van de vrijstelling mag over maximaal drie opeenvolgende jaren worden uitgesmeerd. Als u maximaal gebruik wenst te maken van de regeling, bent u dus niet verplicht het bedrag in één keer te schenken. De verruimde vrijstelling geldt echter alleen als u aan kinderen tussen de 18 – 40 jaar schenkt!

Zoals u heeft kunnen lezen, zal met ingang van 1 januari 2016 en 1 januari 2017 op fiscaal gebied het één en ander veranderen. Als u wilt weten welke gevolgen de veranderingen voor u zijn, maken wij dit graag voor u inzichtelijk.


Bekijk ook deze updates